Vakgenoten
Barbier
De Aep Barbier
Apen apen geerne na
Alles wat zy zien of hooren.
De baron de Patriva
Wierd door zynen knecht geschoren:
Meester Aep, die 't bekken
zag,
Waerby zeep en scheermes lag,
Ook de borstel, kleed en doeken,
Moest maer eenen baerd meer zoeken,
Om te proeven wat hy kon:
Niet op hem, maer op een ander.
Pas kwam Kater Rapaton,
(Wel gebaerd, - maer fyn en schrander,)
In de zael. - Hem zeide de Aep:
Zet u, vriend, ik zal u scheren. -
Neen, van my maekt gy geen schaep. -
Laet my toch dien baerd maer weren;
Ziet gy niet, dat onze heer
Weeklyks driemael, somtyds meer,
Wordt geschuimzeept en geschoren. -
Al uw praten is verloren,
Zei de Kater. - Hy ging heên.
Bakkers Kat komt ingetreên....
Deze laet zich haest gezeggen.
Baes Aep begint met haer het scheerkleed op te leggen:
Neem, zegt hy, houd het bekken
vast.
Waerna hy Poestjes smoel en neus met zeepe wascht.
Nu grypt hy 't scheermes en hy stelt zich aen 't barbieren....
Maer, hoe begon de Kat te tieren!
Haer' muil was reeds vol bloed; zy spouwde vuer en vlam.
De knecht, die spoedig binnenkwam,
Roept aenstonds den baron en al de huistrauwanten....
De Kat wordt uitgejouwd, en daedlyk zy verhuist;
En de Aep barbier lacht in den vuist.
Vertrouw u nooit aen vieze kwanten;
Bedenk vooraf hunn' grapjes wel,
Wilt gy den uil niet zyn van 't spel.
- 819 keer gelezen
Heeft u haast
Heeft U haast laat het niet merken
doch laat ons rustig verder werken.
Schrik voor een paar klanten niet
die u aan de beurt hier ziet.
Zou U nooit behoeven te wachten
U zou deze zaak verachten.
U zou denken t is niet pluis
ik zie hier nooit een klant in huis.
Tekst: Jantinus/Corry Frome
- 344 keer gelezen
Meester zuinig
Gedichtje wat mijn vader in zijn jongensjaren heeft gemaakt.
Diderica van Thes, Leeuwarden.
Meester Zuinig,tuk op centen Ging naar stad voor zijn plezier. Liet zich scheren en ook knippen Bij een fijne stadsbarbier.
Maar toen’t aankwam op betalen Was het meester veel te duur. ‘ Wat!’, riep meester krenterig: ‘Vijftig cent voor een half uur!’
En hij betaalde toen de scheerbaas met een kwartje, welgeteld. En de man, heel wars van drukte, nam toen korzelig het geld,
Sprak: ‘ wacht maar, binnen een week of zes Heb ik u weder onder schaar en mes.’
Nauwelijks was een maand verdwenen Of daar verscheen de meester weer. ‘Ja Barbier, ik heb woord gehouden, scheer en knip mij nog een keer.’
En de man was heel volkomen en nam vlug zijn arbeid waar, Scheerde meester Zuinig ijverig, aan deez’ ene kant van’t haar.
‘Maar kapper, wat is er met u aan de hand? Wat moet er met de and’re kant?’
‘Meester, laatst waart gij mij met een kwartje een strop, Nu geef ik u als kwitantie, een half geknipte kop.
D.W. Hengst 1921-1971 Geschreven in de 30-er jaren.
- 822 keer gelezen
Dr. Faustus
Avonturen van Doktor Faustus in Leeuwarden
Van alle beroepen, die er op de wereld bestaan, valt dat van barbier het minste mee. Want om barbier te zijn, moet men niet alleen goed kunnen inzeepen, en goed 't mes op wang en keel van den klant kunnen zetten, doch bovenal moet men uitstekend menschenkenner zijn.
Een barbier in Leeuwarden was beroemd om zijn inzeepen, en het eigenlijke scheren verstond hij op een haar, doch een goed menschenkenner was hij niet, hetgeen uit het volgend verhaal moge blijken.
Op een kwaden dag stapte er een deftig heer bij hem binnen, die hem kort beval:
"Scheren!"
De barbier begreep onmiddellijk, dat hij zijn kunst moest toonen. Hij zeepte stevig in -- de meeste coiffeurs van tegenwoordig weten niet, wat een kunst 't inzeepen al is -- , en toen 't schuim hoog vlokte op het gelaat van den klant, zette de scheerder er 't mes op. Hij schrapte aan de kin en werkelijk, 't haar ging er af. Daarom begon hij aan den anderen kant, maar toen bemerkte hij tot zijn misnoegen, dat aan de zijde, waar hij had geschoren, de baard weder aanving te groeien
- Lees verder
- 878 keer gelezen
Barbier
Beginnen we eens met de eenvoudigste bediening: "het scheren". Voor 1900 gold ook in de grote steden een tarief in de gewone zaken van drie cent per keer, vijf cent voor tweemaal per week. Na dien heeft men het gebracht op vijf cent per keer.
De zaken waren in die tijd zeer primitief ingericht. Vloer met zand of gewoon geboend. Houten spuwbakje in 'n hoekje, voor de pruimers. Een paar houten banken aan de wanden, twee scheerstoelen, 'n wit porselein fonteintje ('n soort bak met koper kraantje) voor 't water in de scheerbekkens.
Met de hand inzepen, eenmaal scheren, en dan zocht de klant naar een schoon plekje op de handdoek, waarvan aan koperen knopjes naast de spiegel een paar voor algemeen gebruik hingen. Was de handdoek om de hals nat van 't daarin lopende schuim, dan werd de droge kant weer ingestopt, net zolang tot alle vier de kanten nat waren.
Want alle klanten kregen de zelfde doek voor, die, wanneer de klant geschoren was, met een rukje werd weggenomen en "Asjeblieft meester," dan moest de klant zoeken naar de handdoek bij de spiegel. Van een waskom was geen sprake. Bij enkele prijkte een wastafel met een waskom met lampetkan. Water was er wel in, maar geen 5 ct. klant zou 't wagen om er gebruik van te maken.
Die weelde was alleen en dan nog niet eens van harte, toegestaan aan de enkele "heer" die 'n dubbeltje offerde. Zo'n heer werd wel met bijzondere zorg geschoren, maar van tweemaal inzepen was maar zelden spraken. Poeder of Vinaigre dat waren helemaal onbekende zaken, hoogstens een stukje cosmetique voor de snor of de scheiding.
- Lees verder
- 1545 keer gelezen
